Tag
15 oktober 2026

De plekken die de School of Business and Economics

bijzonder maken

De School of Business and Economics (SBE) is geen traditionele business- en economiefaculteit. Hier draait het naast cijfers om maatschappelijke impact en een internationale blik. Ga met ons mee langs de gebouwen en hotspots van SBE – en ontdek gaandeweg het verhaal van deze bijzondere faculteit van de Universiteit Maastricht.

Bij SBE leren studenten natuurlijk alles over bedrijfskunde en economie. Maar ze kijken ook naar thema’s die in de samenleving spelen, zoals duurzaamheid, bestuur en publieke vraagstukken. Ze ontdekken hoe organisaties en markten werken én welke impact ze hebben op de wereld om ons heen.

Dat geldt net zo goed voor de academici van SBE. “Bij andere universiteiten ben je vooral een goede onderzoeker als je veel publiceert in belangrijke wetenschappelijke tijdschriften”, zegt Lisa Brüggen, hoogleraar financiële dienstverlening. “Wij hebben een bredere blik op impact. Doen beleidsmakers iets met ons onderzoek? Hoe kunnen we samenwerken met het bedrijfsleven? En veranderen we daarmee écht levens?”

Daarnaast is SBE sterk internationaal gericht. De studenten komen in contact met mensen en ideeën uit verschillende landen en leren verder te kijken dan de grenzen van Nederland.

Er zijn 5 bacheloropleidingen en 35 masterprogramma’s bij SBE. Denk aan bachelors als Business Analytics, International Business en meer. Op masterniveau is de keuze nog veel groter. Daar vind je opleidingen en specialisaties op het gebied van onder andere economics, finance, duurzaamheid en ondernemerschap.

Tongersestraat 49

Tongersestraat 6

Twee van SBE's gebouwen aan de Tongersestraat

Jonge pioniers

‍Wat SBE nog bijzonder maakt, is de praktische manier van lesgeven. Net als bij de andere faculteiten van de UM werken studenten hier in kleine groepen aan vraagstukken uit de praktijk. Deze manier van leren heet Probleemgestuurd Onderwijs (PGO).

SBE was de eerste business- en economiefaculteit die voor deze aanpak koos. In september 1983 begon een groep van 13 jonge academici met de voorbereidingen voor de nieuwe faculteit. Deze groep stond onder leiding van prof. Wil Albeda, voormalig hoogleraar economie bij de Erasmus Universiteit Rotterdam en minister van Sociale Zaken.


‘Goed idee? Kom maar op!’

Een jaar later, in 1984, werd SBE officieel opgericht. Docenten gingen vanaf het begin samen met studenten op zoek naar de beste manier om kleinschalig en praktisch onderwijs te geven. Er werd volop geëxperimenteerd en uitgeprobeerd.

Die open en ondernemende houding is nog altijd kenmerkend voor SBE. Brüggen werkt al 25 jaar bij de faculteit en kan dat bevestigen. “Ik merkte meteen dat het gevoel heerste: heb je een goed idee? Kom maar op”, vertelt ze.

Volgens Brüggen krijgen mensen binnen SBE veel ruimte om nieuwe dingen uit te proberen. “We deden het vanaf het begin al anders en waren steeds bezig met vernieuwing. Daardoor is die spirit er nu nog steeds.”

Bio
Project update

Lisa Brüggen

Lisa Brüggen is hoogleraar financiële dienstverlening aan de Universiteit Maastricht. Ze werkt daar al sinds 2001 bij de School of Business and Economics, waar ze zelf ook aan studeerde. Daarnaast is Brüggen directeur van Netspar en Principal Investigator bij BISS, het Brightlands Institute for Smart Society.

Lees hieronder verder

Plek vol UM-geschiedenis

Het hart van SBE ligt aan de Tongersestraat 53, in een voormalig klooster met een monumentale toegangspoort. Het gebouw heeft een speciale plek in de geschiedenis van de UM.

“Hier startte in 1974 de medische faculteit, waar de universiteit mee begon”, vertelt Evert van Zoeren, coördinator bij Facility Services van de UM. Van Zoeren geeft ook historische rondleidingen door de universiteitsgebouwen. “Op de begane grond waren toen de snijzalen, waar geneeskundestudenten oefenden met echte lichamen en organen”, voegt hij toe.

Het gebouw aan de Tongersestraat was in de pioniersjaren zelfs het hoofdgebouw van de jonge universiteit. Toen later de economische faculteit werd opgericht, kreeg zij dus plek op een belangrijke locatie voor de UM.
‍

Huis Vilain

Maar de geschiedenis van het gebouw gaat nog veel verder terug. Lang geleden stond hier namelijk een stadspaleis. “Aan het eind van de 18e eeuw kocht de Belgische adellijke familie Vilain dit terrein”, vertelt Van Zoeren. “De graaf van Vilain liet hier zijn stadspaleis bouwen. De ingangspoort stamt nog uit die tijd. Boven de poort zie je zelfs nog zijn familiewapen.”

In de jaren dertig werd een groot deel van het paleis gesloopt. Op die plek bouwden de Jezuïeten, een katholieke kloosterorde, een nieuw klooster. Ze behielden alleen de monumentale koetspoort en bouwden een klein deel van huis Vilain opnieuw op. Dat deel staat nu rechts van de poort.

‍

De monumentale ingangspoort van Tongersestraat 53

Bio
Project update

Evert van Zoeren

Evert van Zoeren begon in juni 1988 als medewerker bouwtechnische dienst bij de Universiteit Maastricht. Tegenwoordig is hij Beheertechnicus/Coördinator Operationeel Locatie Team Binnenstad bij Facility Services. Van Zoeren houdt zich onder meer bezig met het beheer en behoud van het bijzondere erfgoed van de universiteit. Daarnaast schrijft hij over de verborgen verhalen achter de gebouwen en geeft hij rondleidingen.

Lees hieronder verder

Karaktervolle kerk

Als je door het gebouw loopt, zie je nog altijd goed dat het ooit een klooster was. In het midden staat zelfs nog de voormalige kloosterkerk, die SBE nu als aula en collegezaal gebruikt.

Het is bijzonder dat de kerk nog in nagenoeg originele staat is. Na de komst van de UM werden veel verwijzingen naar het katholieke geloof verwijderd. “De universiteit stond los van de kerk. Daarom zie je bijvoorbeeld nergens meer kruizen hangen”, zegt Van Zoeren. Toch bleven veel andere elementen behouden om de charme en het karakter van het gebouw te bewaren.

Zo staan buiten de aula nog de oude kerkbanken, waar studenten en medewerkers even kunnen zitten. In de aula zelf is de oorspronkelijke apsis, de halfronde nis waar het altaar op stond, nog te zien. Het mozaïek van de apsis zou ooit met stukwerk worden weggewerkt. “Maar gelukkig besefte de universiteit dat dit te ver ging.”
‍

Het oude orgel van SBE

De aula heeft nog een andere verrassing: een eeuwenoud orgel. Achter in de ruimte, op het balkon, staat het instrument dat de Akense orgelbouwer Georg Stahlhuth & Sohn in 1888 bouwde. Oorspronkelijk voor de Heilig Hartkerk van de Jezuïeten in Maastricht.

Toen de kerk in 1967 sloot, verhuisde het orgel naar de kapel van het jezuïetenklooster. Toen de UM het complex later overnam, kreeg het een plek in de academische wereld. Ondanks een grondige schoonmaak en renovatie in 2006 raakte het orgel uiteindelijk buiten gebruik.

Dat was vroeger wel anders. “Zo’n tien jaar geleden kwamen mensen er nog regelmatig op spelen”, vertelt Van Zoeren. Prof. dr. Johan Heemskerk, biochemicus en emeritus hoogleraar, kwam er speciaal voor vanuit de medische faculteit in Randwyck. “Dat werd hem niet in dank afgenomen”, zegt Van Zoeren lachend.

De voormalige kloosterkerk, tegenwoordig gebruikt als aula en collegezaal

Het orgel

Het orgel van binnen

Studenten in de voormalige kloosterkerk

Het mozaïek van de apsis

Het mozaïek van dichtbij

Oude boeken en een nieuwe entree

Terwijl de UM veel van de oude charme in stand hield, veranderde er ook genoeg. Zo kwam er in 1985 een nieuwe hoofdingang. De entree werd verplaatst van de oude kloosterdeuren aan de Tongersestraat naar het souterrain bij de parkeerplaats.

De bekende Limburgse architect Jo Coenen ontwierp de nieuwe entree. Hij maakte er een ruime en lichte ingang van, met een grote glazen pui die van de begane grond doorloopt tot de eerste verdieping.

“Toen ik hier kwam werken, was dit nog de kelder”, vertelt Van Zoeren terwijl we bij de receptie staan. “De bouwtechnische dienst zat hier, waar ik voor werkte. Maar nog langer geleden was hier het archief van de paters jezuïeten. We vonden hier allerlei oude documenten en boeken. Een deel ligt nu in onze universiteitsbibliotheek. Een ander deel bewaren we in een speciaal depot.”


Ondergrondse collegezaal

Jo Coenen ontwierp niet alleen de nieuwe hoofdingang. Hij dacht ook mee over een nieuwe mensa, waar studenten en medewerkers lunchen. Maar zijn meest opvallende ontwerp werd in de jaren negentig gebouwd: een ondergrondse collegezaal met maar liefst vijfhonderd zitplaatsen.

Coenen wilde de nieuwe zaal in de omgeving laten opgaan. Hij vond het jammer als het historische karakter van het klooster verloren ging door een groot, modern bouwwerk ernaast. In plaats daarvan legde hij de zaal grotendeels ondergronds. Coenens collegezaal werd onder de tuin van SBE ingegraven.

De zaal kreeg later de naam Franz Palm Lecture Hall, ter ere van professor Franz Palm. Hij was een van de grondleggers van de faculteit en drie termijnen decaan.

“Franz Palm was een geweldig goede hoogleraar aan deze faculteit”, vertelt Brüggen. Aan een van de wanden hangt een kunstwerk ter ere van hem, gemaakt door Fred Eerdekens. “Het lijkt op stalen krullen, maar als je vanuit precies de juiste hoek kijkt, lees je het woord ‘unpredictable’. Dat staat voor de manier waarop hij altijd vragen bleef stellen.”

De huidige entree van de School of Business and Economics, ontworpen door Jo Coenen

De Franz Palm Lecture Hall, ontworpen door Jo Coenen

Het kunstwerk van Fred Eerdekens, ter ere van Franz Palm.

Een stukje Afrika in Maastricht

Op weg naar de Franz Palm Lecture Hall kom je nog een bijzonder kunstwerk tegen. Op de muur in de gang trekt een kleurrijk kunstwerk met strakke lijnen de aandacht. Het is gemaakt door het bekende Zuid-Afrikaanse kunstenaarsduo Franzina en Angelina Ndimande.

“Een moeder en dochter uit de Ndebele stam”, vertelt Van Zoeren. “De vrouwen van deze stam dragen ringen om hun nek. Elk levensjaar komt er een ring bij. Jo Coenen nodigde hen uit om naar Maastricht te komen en dit kunstwerk te maken.”

De lijnen lijken op het eerste gezicht met een sjabloon gemaakt. “Het mooie is dat alles met de hand is geschilderd”, zegt hij. “Zelfs zonder liniaal. Als je heel dichtbij kijkt, zie je dat de lijnen niet helemaal recht zijn. Juist dat maakt het werk zo bijzonder.”

Het kunstwerk gemaakt door Franzina en Angelina Ndimande, een moeder en dochter uit de Ndebele stam

De tuin en het verborgen kruithuis

Achter de collegezaal vind je de tuin van SBE. Een groene oase omringd door een deel van de oude Maastrichtse stadsomwalling. Tussen de hoge bomen vind je rustige zitplaatsen en verschillende bronzen beelden. Eén daarvan is een bosnimf die ontspannen in het gras ligt. Het beeld werd in 2006 gemaakt door kunstenaar Luk van Soom.

Vanuit de tuin kijk je uit op de mensa en het dak van de ondergrondse collegezaal. Maar onder de grond bevindt zich nog een ander speciaal bouwwerk, dat niet bij iedereen bekend is: het kruithuis. Het grote kruithuis is tegenwoordig een plek voor feestjes en evenementen van medewerkers en studenten. ''Vroeger werd het gebruikt om buskruit en munitie op te slaan,” vertelt Van Zoeren. “Maar wat veel mensen niet weten, is dat er ook een klein kruithuis in de tuin ligt.”

Via een stenen trap daal je af naar een halfronde houten poort. Daarachter zit een korte gang met een kleine opslagruimte. Het verborgen plekje kreeg tijdens de coronaperiode onverwacht een nieuwe bestemming. “Jongeren hadden de poort opengebroken en hielden hier ’s nachts feestjes”, vertelt Van Zoeren. “Daarna verstevigden we de ingang.”

Bosnimf in het gras, gemaakt door Luk van Soom

De tuin en het verborgen kruithuis

De stenen trap naar de halfronde poort

Het kleine kruithuis

Knappe kazerne

Brüggen en haar collega’s maken vanuit de tuin regelmatig een lunchwandeling langs de oude stadsmuur naar de tweede locatie van SBE: de Tapijnkazerne. Dit voormalige kazerneterrein ligt aan de rand van het Stadspark. Tegenwoordig delen SBE, UMIO en de universiteitsbibliotheek deze speciale plek.

De kazerne werd in 1916 gebouwd als militaire basis. Toen de UM het terrein overnam, stond het complex al jarenlang leeg. De gebouwen waren dan ook toe aan een grondige renovatie. Vanaf 2014 gebruikte de universiteit al delen van het terrein. Begin 2020 volgde de grote oplevering voor SBE en UMIO.

Nu is de Tapijnkazerne een moderne plek voor onderwijs. Je vindt er onder andere fijne studeerplekken, stilteruimtes, tutorialruimtes en twee moderne collegezalen. Tegelijkertijd is er nog genoeg van het historische karakter zichtbaar. Bijvoorbeeld het oude trappenhuis en de kenmerkende ramen.

De Tapijnkazerne

De trappen richting de moderne entree

De Tapijnkazerne tijdens de renovatie

De welbekende kleurrijke studieruimtes

Ruimtes waar les wordt gegeven zijn open en modern

Dit soort ruimtes worden ook vaak gebruikt voor vergaderingen

SBE groeide de afgelopen decennia razendsnel. Het begon allemaal in de jaren tachtig met een vergadering van jonge, enthousiaste academici in een lokaal van de Tongersestraat 53. Vandaag de dag is SBE een internationale faculteit voor economie en bedrijfskunde. Met alumni over de hele wereld en een duidelijke eigen richting.

In 2007 kreeg SBE zelfs een zeldzaam kwaliteitskeurmerk: de Triple Crown-accreditatie. Daarvoor moet een business school tegelijk aan de eisen van drie grote internationale accreditatieorganisaties voldoen. Wereldwijd heeft slechts één procent van de business schools dit keurmerk.

Volgens Brüggen komt dit door de manier waarop SBE al vanaf het begin lesgeeft. “PGO maakt ons uniek”, legt ze uit. “Studenten werken nauw samen en gaan veel met elkaar en met docenten in gesprek. Daardoor ontstaat een kleinschalige, familiaire sfeer. Ook al is SBE een grote faculteit, leren mensen elkaar écht kennen. Dat kenmerkt ons nog altijd.”


Tekst: Caya Forman
Fotografie: Joris Hilterman, Philip Driessen, Arjen Schmitz, Jonathan Vos, beeldmateriaal SBE