Universiteitmetdebuurt:
samenwerken aan een betere gezondheid in de wijk
Mare Knibbe, Sanne Raap en Klasien Horstman zijn de initiatiefnemers van 'UniversiteitmetdeBuurt'.

Hoe kom je er als onderzoeker nu het beste achter wat een (buiten)wijk nodig heeft om de gezondheid en leefbaarheid in die wijk te verbeteren? Heel simpel: door met elkaar in gesprek te gaan, door samen de handen uit de mouwen te steken en dus: door elkaar zoveel mogelijk te ontmoeten. Dan moeten er natuurlijk wel voldoende plekken zijn om elkaar te ontmoeten. Voor hoogleraar filosofie Klasien Horstman en collega’s Mare Knibbe en Sanne Raap was dat de aanleiding om in 2016 het initiatief ‘UniversiteitmetdeBuurt’ te starten en van daaruit meer ontmoetingsplekken in de wijk te creëren. Een bijzondere samenwerking tussen de Universiteit Maastricht en bewoners van verschillende wijken in Noord-West Maastricht is zo ontstaan. Klasien vertelt er enthousiast over.
Dit jaar bestaat de UM 50 jaar. Dat betekent ook dat we al 50 jaar betrokken zijn bij de maatschappij: via het onderwijs dat we geven en het onderzoek dat we doen én via andere initiatieven. Zo stimuleren we onze studenten en medewerkers om zich in te zetten voor de samenleving. We zijn trots op de vele mooie initiatieven waar we vanuit de UM bij betrokken zijn én waar onze studenten en medewerkers aan werken. De afgelopen 50 jaar zijn er steeds meer initiatieven bij gekomen. Een aantal initiatieven zetten we graag in het zonnetje tijdens dit jubileumjaar.
Kun je iets meer vertellen over het idee achter UniversiteitmetdeBuurt?
“Het initiatief is ontstaan na een ‘Burgertop’ die wij in 2014 en 2015 samen met studenten en gemeente Maastricht hebben georganiseerd: de eerste stadsbreed en de tweede voor bewoners in de buitenwijken van Noord-West Maastricht. Dit deden wij destijds omdat nieuwe wetten van de participatiemaatschappij veel van burgers zou vragen qua wederzijdse hulp. We wilden aan bewoners vragen hoe zij de kwaliteit van leven ervaarden. De vraag stond centraal tijdens die bijeenkomsten. Eén ding kwam daar duidelijk naar voren: dat burgers elkaar best willen helpen maar het sociale contact met elkaar missen. Door het verdwijnen van allerlei publieke functies uit de wijken in de laatste jaren, zoals buurthuizen, winkels, kerken en kleine sportparken zijn er nauwelijks nog plekken om elkaar spontaan te ontmoeten. Bij ons kwam toen het besef dat wij als universiteit daar een rol in kunnen spelen en meer met bewoners kunnen samenwerken.” Wat is voor burgers belangrijk als het gaat om gezondheid en welzijn?
Klasien Horstman
Klasien Horstman is hoogleraar filosofie. Samen met haar collega's Mare Knibbe en Sanne Raap leidt ze het initiatief 'UniversiteitmetdeBuurt'.
Meer weten over de activiteiten van UniversiteitmetdeBuurt, of zelf een keer deelnemen aan een van de activiteiten? Kijk op hun website:
This is a caption

Waarom is het voor de universiteit en voor jullie als onderzoekers belangrijk om dit te doen?
“Bij onderzoek dat universiteiten doen, is de hulp van burgers vaak hard nodig. Meestal is het dan zo dat onderzoekers burgers even ‘invliegen’ voor een interview of enquête en daar blijft het dan vaak bij. Onderzoekers hebben bovendien een sterke neiging om te zenden wat zij belangrijk vinden, de kennis van bewoners zelf wordt niet gezien en niet serieus genomen. Ik geloof daar niet in. Als we daadwerkelijk iets wil leren, dan moeten we langer op één plek zijn en langdurige verbindingen aan gaan met burgers. Door ergens langer en regelmatig te zijn, krijg je andere inzichten over het leven in een buurt en de mensen die er leven. Dat is heel waardevol. En het mooie is, het biedt de kans om iets terug te doen. Daarom werken wij daadwerkelijk mee op de plekken waar we onderzoek doen; we zetten onze kennis en ons netwerk in waar dat van pas komt. Het betekent dus ook dat we op zaterdag meedoen met afvalprikken in de buurt!”
Hoe zien de activiteiten van UniversiteitmetdeBuurt er in dagelijkse praktijk eruit?
“UniversiteitmetdeBuurt heeft verschillende vormen. Zo is er een maandelijks filosofie café waarin gesprekken worden gevoerd, ervaringen worden gedeeld en nieuwe inzichten worden verworven. We hebben daarnaast een initiatief ‘Sociaal Groen’ van waaruit de stichting ‘SamenGroener’ is ontstaan, die zich bezighoudt met het socialer en groener maken van buurten. Zij zijn nu bezig met verlevendiging van het Viegenpark in de wijk Malpertuis met meer speelplekken, tuinonderhoud en soms parkactiviteiten. Tot slot is er het thema ‘Burgerkennis in de buurt’, dit komt bijvoorbeeld tot uiting in het Beihuis, een buurtontmoetingsplek in winkelcentrum de Brusselse Poort. Die plek heeft vrije inloop en daarnaast trainingen van ervaringsdeskundigen over herstel, spelletjes, levensverhalen schrijven en andere activiteiten die te maken hebben met veerkracht en herstel.”
Wie kunnen er gebruik maken van UniversiteitmetdeBuurt?
“Iedereen. Wij werken niet met doelgroepen en willen geen hokjes. Het is juist belangrijk dat mensen die op het eerste gezicht misschien van elkaar verschillen in leeftijd, achtergrond of cultuur, hier met elkaar in contact komen. Leerlingen van vmbo-west lopen hier bijvoorbeeld wekelijks binnen en hebben gesprekjes met ouderen. De etiquette is gastvrijheid en geen clubjes die uitsluiten. Daardoor is de drempel lager om een keer binnen te lopen en aan te schuiven, ook voor mensen met een niet-Nederlandse achtergrond of mensen die zich niet goed voelen. Mensen kunnen ook gewoon even zitten en een kop koffie drinken, ze hoeven niets te zeggen of te doen. We hebben vaak foto-exposities, en dat maakt het laagdrempelig om binnen te lopen en te kijken. We willen mensen het idee geven dat je welkom bent zonder dat je per se anderen hoeft te kennen. Voor mij als onderzoeker is het interessant om te zien hoe een samenleving functioneert en hoe daarin verbindingen ontstaan zonder dat je mensen eerst in hokjes duwt.”
Welke inzichten levert het initiatief jou tot dusver op?
“Het levert in de eerste plaats interessante en leerzame ontmoetingen op. Veel van de mensen die we tegenkomen in ons werk, hebben geen idee dat de universiteit erbij betrokken is en dat hoeft ook niet. Dat is ook niet de insteek. Uiteraard is het wel zo dat we op relevante plekken en tijden vermelden dat we onderzoek doen: we zijn ook niet incognito. Maar we zijn er zonder al te veel aanwezig te zijn. We zijn er ook niet om álle problemen op te lossen. We denken mee, helpen mee, faciliteren als dat kan en leggen contacten met instanties als gemeente, woningcorporaties en welzijnsorganisaties. Voor de rest willen we het vooral aan de bewoners zelf laten om invulling te geven aan activiteiten. Zo stimuleren we dat mensen elkaar onderling opzoeken, dingen met elkaar delen en elkaar helpen. We organiseren vooral ruimte en gastvrijheid. Veel mensen die binnenkomen geven aan zich wel vaak eenzaam te voelen, maar we maken geen doelgroep van eenzamen, we praten hen niet aan dat ze geen sociale vaardigheden hebben. Het is eerder zo dat in deze context eenzaamheid geaccepteerd wordt als iets dat iedereen wel eens overkomt, zonder het te problematiseren en uit te vergroten. We zien dat mensen in gesprekken en door activiteiten met andere mensen waardering en vertrouwen krijgen. Dat is de kracht van deze manier om ontmoetingen te organiseren. ”

Dus we mogen wel concluderen dat UniversiteitmetdeBuurt succesvol is?
“Dat mag zeker. Laatst, bij een officiële beoordeling van onze onderzoekschool, vroegen zij aan de bewoners wat samenwerking met ons hen opleverde. Toen zeiden zij dat wij hen met onze inzichten helpen om een ander verhaal te vertellen over het leven in de buitenwijken. Ze horen vaak het verhaal over ongezonde leefstijl of over eenzaamheid alsof ze dat aan zichzelf te wijten hebben. Ik vind dat je een ander soort verhaal moet vertellen over buitenwijken. Een verhaal dat niet ontkent dat er armoede is, maar dat ook oog heeft voor de capaciteiten die mensen hebben. Dan zie je ook dat er veel wijsheid is onder mensen zonder academische diploma’s. Het vertellen van een ander, rijker verhaal, kan ook de clichés over zogenaamde lage sociaaleconomische status buurten een beetje bijstellen. ”
Tekst: Sanne Tummers
Fotografie: Harry Heuts








