Tag
29 januari 2026
Joëlle van Wissen

Vijftig jaar FHML

door de bril van Annemie Schols

De Faculty of Health, Medicine and Life Sciences (FHML) bestaat in 2026 vijftig jaar. Van de oprichting van de Rijksuniversiteit Limburg (later Universiteit Maastricht) tot de fusie van geneeskunde en gezondheidswetenschappen: onze faculteit heeft een rijke geschiedenis.

Ter ere van dit jubileum gaan we in gesprek met Annemie Schols. Hoe kijkt zij terug op de afgelopen vijftig jaar en waar gaan we samen naartoe? Samen met de decaan van FHML werpen we een blik op het verleden, heden en de toekomst.

Annemie Schols, Peter Stenvinkel en Pamela Habibovic tijdens de Dies Natalis

Tijdens de nieuwjaarsreceptie van Maastricht UMC+ sprak je over de identiteit van FHML: academisch én toegankelijk, internationaal én regionaal geworteld, innovatief én kritisch. Welke mijlpalen in de afgelopen vijftig jaar hebben volgens jou die identiteit gevormd?

“Bij de oprichting van de faculteit was het belangrijk om na te denken over de identiteit ervan. Er was plek voor een nieuwe geneeskundefaculteit in Nederland, maar die moest wel zijn meer-waarde tonen ten opzichte van bestaande medische opleidingen. In 1972 is die identiteit vastgelegd in de Basisfilosofie van de Rijksuniversiteit Limburg. Ik vind dat nog steeds een heel rijk document met visionaire ideeën, zoals het probleemgestuurde onderwijs, ruimte voor onderwijs-kundige vernieuwing en speciale aandacht voor de relatie tussen gezondheids- en welzijnszorg.”

“In de Basisfilosofie stonden ook ideeën over het type onderzoek dat de faculteit kon gaan doen. In die tijd bestonden er al heel gevestigde groepen binnen de traditionele medisch specialistische zorg, daarmee concurreren was dus moeilijk. Het was zeker belangrijk om onder-scheidend onderzoek te doen in niches binnen die specialistische gebieden, waar in Nederland en in het buitenland nog weinig aandacht voor was, maar ook om buiten de muren van het ziekenhuis te kijken naar wat er in de samenleving nodig is aan zorg.”

Annemie Schols. Foto: Joëlle van Wissen

“Die integratie van geneeskunde en gezondheidswetenschappen is juist onze kracht.”

“Ook werd geadviseerd om het onderzoek thematisch te organiseren, om versplintering te voorkomen. Dat heeft geleid tot een stevig fundament van acht onderzoeksinstituten met onderscheidende thema’s die staan als een huis. Die vorm maakt het ook makkelijker om infrastructuur te delen en stimuleert de samenwerking tussen disciplines. We kijken met een frisse blik vanuit verschillende invalshoeken naar de mens.”

“Als ik nu terugkijk, vind ik dat we de ideeën uit die Basisfilosofie samen heel mooi hebben vormgegeven. Ik denk dat de eerste pioniers met trots kunnen zien dat de jongere garde het gedachtegoed van toen omarmt en verder ontwikkelt. Tegelijkertijd is dat gedachtegoed ook verrijkt door nieuwe ontwikkelingen, zoals de fusie van de faculteiten geneeskunde en gezondheidswetenschappen tot FHML. Dat was gedurfd, maar ik denk dat het ons veel gebracht heeft. Die integratie van geneeskunde en gezondheidswetenschappen is juist onze kracht, omdat we nu met een veel bredere blik naar gezondheid kijken.”

De eerste geneeskundecursisten in 1974.

Als we kijken naar het heden, wat is dan voor jou als decaan op dit moment de grootste trots binnen de faculteit?

“In de afgelopen vijftig jaar waren er regelmatig nieuwe ontwikkelingen, zoals de versterking van levenswetenschappelijk onderzoek via de Brede Onderzoeksstrategie (BOS) en de komst van nieuwe, technologisch gedreven onderzoeksinstituten in het kader van het programma Limburg Investeert in haar Kenniseconomie (LINK). Dan is het even spannend hoe dat landt in de organisatie. Hoe zorg je dat alles goed ingebed wordt en dat de samenwerking optimaal is, ook met de mensen die al binnen de faculteit werken? Als ik zie waar we nu staan, ben ik trots dat we dat goed voor elkaar hebben: de verfrissing van buitenaf en de doorontwikkeling van binnenuit. Ik denk dat we echt een mooie onderzoekscultuur en -structuur hebben.”

“Qua onderwijs ben ik trots dat we durven innoveren. Daar was in het begin wat scepsis over. Echter, als je ziet hoe er gescoord wordt, hoe anderen kijken naar ons onderwijssysteem en hoe elementen zoals het probleemgestuurde onderwijs, de voortgangstoets voor geneeskunde en het Skillslab worden overgenomen in andere opleidingen, denk ik dat het succes duidelijk bewezen is.”

“Ook ben ik trots op hoe we met elkaar samenwerken, bijvoorbeeld rondom het thema preventie. Dat staat nu hoog op de agenda van veel universiteiten en zorginstellingen, omdat we weten dat de zorg op een gegeven moment gaat vastlopen, maar wij zijn daar wel echt voorloper in. Vanuit onze brede blik op gezondheid zat preventie al in het DNA van veel medewerkers. Nu is het moment om dat nog meer te benutten, omdat het onderwerp zo actueel is."

"Klimaatverandering is ook een belangrijk maatschappelijk- en gezondheidsprobleem waar wij als kennisinstelling onze rol in willen spelen en verantwoordelijkheid willen nemen. Ik vind het heel mooi hoe we het Climate HEALTH-instituut samen vormgeven. Daaraan merk je dat iedereen dit omarmt, ongeacht bij welke vakgroep of onderzoeksinstituut je zit.”

Annemie Schols. Foto: Jonathan Vos

“We mogen ons nog meer realiseren dat ons onderwijs en onderzoek echt impact hebben op het gebied van gezondheid, en daar trots op zijn.”
Het motto van ons jubileumjaar is ‘samen vooruit in gezondheid’. Hoe past dat bij wat FHML nu doet en waar we in de toekomst naartoe gaan?

“Het past bij onze combinatie van innoveren en kritisch reflecteren. Dus je eigen vakgebied durven loslaten en met een frisse blik kijken hoe we optimaal kunnen benutten wat we te bieden hebben, om zo voorop te blijven lopen. Ook denk ik dat onze brede blik op de samenleving en hoe we beleidsmakers en onderzoek dichter bij elkaar brengen veel meerwaarde heeft. We mogen ons nog meer realiseren dat ons onderwijs en onderzoek echt impact hebben op het gebied van gezondheid, en daar trots op zijn. Als wetenschapper is het belangrijk om de meerwaarde van je werk te zien, zeker in deze tijd waarin wetenschap tegenover meningen staat.”

Wat voor boodschap voor de toekomst wil je meegeven aan de studenten en medewerkers? 

“Blijf jezelf uitdagen en zoek elkaar op. Die onderlinge kruisbestuiving geeft zoveel energie en vormt je niet alleen als student of wetenschapper, maar ook als mens. Dat komt ook uit mijn eigen ervaring van hoe ik me heb ontwikkeld, toen ik hier in mei 1987 startte als promovenda. We hebben elkaar veel te bieden en ik hoop dat we dat samen op een mooie manier kunnen voortzetten.”